Gorcumse gidsen in het zonnetje: door de ogen van Steef Staal
“Kijk eens omhoog. Dan zie je pas hoe mooi Gorinchem écht is.”
Op 13 februari 1953, kort na de Watersnoodramp, werd hij geboren op de Appeldijk in de Bovenstad. Een echte Bliek dus. Bijna 73 jaar later woont Steef Staal er opnieuw. Altijd in Gorinchem gebleven. Altijd verbonden met de stad.
Toen Steef zes jaar was, verhuisde het gezin naar de Bullekeslaan, bij de Schelluinse Straat. Zijn vader had daar zijn bedrijf. Zijn familie roots liggen deels in Utrecht, maar Steef zelf is onmiskenbaar Gorcums.
Van hondenwandeling naar stadsgids
Het gidsen begon niet met een plan, maar met nieuwsgierigheid.
Zijn schoonvader, Jacco Slob, was al stadsgids bij de VVV. Dat had hij weer overgenomen van zijn oom Herbert Slob. De liefde voor verhalen zat dus al een beetje in de familie. Toen Steef in 2002 weer in de binnenstad kwam wonen, kreeg hij een boekje over Gorinchem in handen.
Tijdens het uitlaten van de hond begon hij anders te kijken. Naar gevels. Naar stegen. Naar plekken waar hij al zijn hele leven langs liep. Hij verzamelde publicaties van de Historische Vereniging Oud Gorcum en dook steeds dieper de geschiedenis in.
Eerst nam hij familie en vrienden mee op pad. Gewoon, om zijn enthousiasme te delen. Tot de VVV hem vroeg om een keer in te vallen voor een grote groep. Dat beviel. Inmiddels is hij al ruim twintig jaar stadsgids.
“Geen enkele Gorcumer kent zijn eigen stad”
Wat hij het leukste vindt aan gidsen?
“Mensen meenemen in de verhalen van Gorinchem.”
Vooral wanneer hij met echte Gorcumers op pad is. “Dan blijkt dat geen enkele bewoner zijn eigen stad écht kent.” En daar geniet hij van. Het moment waarop iemand verrast omhoog kijkt naar een gevel die hij al veertig jaar passeert, maar nooit echt heeft gezien.
Verhalen die blijven hangen
Een favoriete plek heeft Steef ook. Buiten de Waterpoort. Daar vertelt hij graag over het hoge water van 1995 en het ontstaan van het huidige Buiten de Waterpoort-gebied en het park zoals we dat nu kennen.
Maar het zijn vooral de verhalen die zijn rondleidingen bijzonder maken.
Zoals dat over Papland. De naam klinkt bijna vriendelijk, maar de oorsprong is verrassend. In de zestiende of zeventiende eeuw had het toenmalige gasthuis een mannenhuis in de Molenstraat. Ongehuwde mannen werden daar verzorgd. Wie werd opgenomen, ging eerst langs de notaris om zijn nalatenschap te regelen.
Zo ook een boer met een groot stuk land. Hij kreeg op zijn eerste avond een bord pap. Diezelfde nacht overleed hij. Het gasthuis erfde hierdoor zijn land. Dat gebied noemen we nog altijd Papland.
En dan is er het verhaal over klokken met Romeinse cijfers. Waarom staat er op veel klokken geen IV, maar IIII? Volgens een oude overlevering zou een paus het gebruik van IV hebben verboden, omdat dit kon worden gelezen als een verwijzing naar Jupiter en dat werd als ongewenst gezien. Of het historisch volledig klopt of niet: het blijft een prachtig verhaal dat mensen anders naar een klok laat kijken.
De Martelaren van Gorinchem
Wie met Steef op pad gaat, ontkomt niet aan de geschiedenis van de Martelaren van Gorinchem.
In juli 1572 namen de geuzen de stad in. De katholieke geestelijken werden gevangen gezet in kasteel De Blauwe Toren. Ze moesten hun geloof afzweren. Negentien van hen weigerden. Uiteindelijk werden zij in Den Briel opgehangen.
Een jonge priester in opleiding was getuige van de gebeurtenissen. Zijn verslag vormde later de basis voor de zaligverklaring in de achttiende eeuw en de heiligverklaring in de negentiende eeuw.
“Wereldwijd zijn de Martelaren bekend,” vertelt Steef. “Maar veel Gorcumers weten er weinig van.”
Hij zet zich actief in om die geschiedenis zichtbaar te maken. Als bestuurslid van de Stichting Gedenkplaats Gorcumse Martelaren 1572 werkt hij mee aan een gedenkplaats die eind 2026 gereed moet zijn. Daar worden delen van historische glas-in-loodramen, ooit gemaakt voor de kerk in de Haarstraat, opnieuw een plek in de stad gegeven.
Een stad die je verrast
Wie over de A27 langs Gorinchem rijdt, verwacht misschien niet veel. “Aan de buitenkant ziet het er niet spectaculair uit,” zegt Steef eerlijk. “Maar wie de stad inloopt, is altijd verrast.”
De vesting, de rivieren, de parken, de historie. De combinatie van water, groen en eeuwenoude verhalen maakt Gorinchem bijzonder.
En dan wijst hij naar boven. Naar een pand in de Gasthuisstraat, bij de huidige winkel van KiK. “Daar woonde ooit de familie Du Croo. Zij hadden hier één van de eerste zelfbedieningswinkels van Europa. Nog vóórdat Albert Heijn dat concept groot maakte.” Het pand heet De Rijzende Zon. Je moet het maar net weten
“Na een rondleiding kijk je anders”
Waarom zou iedereen eens een stadswandeling moeten doen?
“Omdat je dingen ziet die je al honderd keer hebt gezien, maar nooit écht hebt bekeken. En als je het verhaal erachter kent, kijk je anders.”
Dat is precies wat Steef doet. Hij laat je anders kijken.
Zijn persoonlijke tips? Bezoek het Gorcums Museum, het Hendrick Hamel Museum en - zodra gereed - de gedenkplaats van de Martelaren. En wandel vooral ook eens over Buiten de Waterpoort.
“Ik vind eigenlijk alles hier mooi,” zegt hij. “Ik woon hier met plezier. Er is zó veel te zien en te doen.”